Citaat:
Oorspronkelijk geplaatst door Tijmerd
Reflecties zullen toch ook een intensiteit hebben. Dus ik veronderstel als je intensiteit meet dat je ook de reflecties meet? Dus waarom zou het dan enkel kloppen in open veld?
|
Tijmerd,
Kijk naar de definitie van intensiteit. Intensiteit is het vermogen gedeeld door de oppervlakte door dewelke dit vermogen stroomt.
Geluidsintensiteit - Wikipedia
Citaat:
De geluidsintensiteit J is een vectorgrootheid die de grootte en de richting van de oppervlaktedichtheid van het geluidsvermogen in een punt in de ruimte aangeeft.
N.B. Het woord geluidsintensiteit, of de intensiteit van het geluid, wordt vaak onjuist gebruikt. Dit is namelijk een vectorgrootheid die gemeten wordt in watt per vierkante meter, en die bovendien een richting heeft. Vaak wordt de geluidsdruk bedoeld.
|
Als je een reflectie hebt gaat er vermogen van de bron doorheen die fictieve oppervlakte naar de muur. De reflectie die terug doorheen diezelfde oppervlakte gaat verminderd het netto vermogen in die fictieve oppervlakte.
Druk is het meten van totale drukvariaties t.o.v. de omgevingsdruk (ongeacht hoe deze ontstaan). intensiteit is het netto vermogen dat in een bepaalde richting door een oppervlakte stroomt.
Dit wil dus ook zeggen dat in een theoretisch perfect diffuus veld, waar dus het geluid evenwaardig vanuit
alle richtingen komt, ongeacht de gemeten geluidsdruk (vb. 84 dB) je intensiteit
0 wordt.
In een niet-vrij veld situatie (kamer), die dus niet-anechoic is (wat van een kamer een vrij veld situatie maakt) is je intensiteit nooit gelijk aan je druk (of je zou speciale uitzonderingen moeten bedenken hier zoals een grote zaal waar de reflecties beduidend lager liggen in niveau en aldus verwaarloosbaar, maar nog steeds niet onbestaand zijn).
Op dit principe zijn intensiteitsmetingen gebaseerd. Je meet het geluid dat uitsluitend uit één richting van de bron komt met uitsluiting van het omgevingsgeluid. Zo kan je bijvoorbeeld het geluid meten dat afgestraald wordt door een wand terwijl het stoorgeluid uitgeschakeld wordt van de meting. (dit binnen bepaalde grenzen en beperkingen).
Zo kan je ook geluidsvermogens bepalen: Men doet intensiteitsmetingen van een bron (bijvoorbeeld een stofzuiger of grasmaaier) over een hypothetische/fictieve oppervlakte. Men meet dus het geluid dat uitsluitend rechtstreeks van die bron afkomstig is. Men kan deze metingen over deze oppervlakte optellen of middelen en van daaruit het vermogen bepalen.
Door de richtingsgevoeligheid van intensiteitsmetingen, ben je dus ook in staat om deel bijdragen van geluidsbronnen te meten. Zo kan je bijvoorbeeld meten hoeveel er door een raam komt en hoeveel door de muur (alles binnen praktische begrenzingen), iets wat je met geluidsdrukmetingen (haast) niet kan.
Deze methode gebruik(te) ik bijv. om de individuele bijdrage van de ruimtebegrenzingen te onderzoeken, waardoor je in staat bent om te berekenen hoeveel winst je wel of niet kan maken door bepaalde delen inzake isolatie te verbeteren. Zo kon ik de geluidsafstraling naar de omgeving van de bepaalde kritische AB (ancienne Belgique) muren meten, gelijktijdig gestoord door het Brussels verkeerslawaai (zou niet kunnen met geluidsdrukmetingen).